Begraafplaats Roosendaal, 14 september

Dit is niet de eerste plaats die bij iemand opkomt als je op zoek gaat naar een geschikte locatie voor een concert. Toch is het geen verwerpelijke keuze. Het is historische grond en er liggen zonder meer veel mensen begraven die een passie voor muziek hadden.

Deze begraafplaats werd al op 1 januari 1870 ingewijd als r.-k. begraafplaats. Tot die tijd werden mensen aan de overzijde van de straat begraven, maar die grond was eigendom van de gemeente en vanaf 1870 vloeiden de begrafenisrechten in de kas van de gemeente. Vandaar dat het kerkbestuur van de Sint-Jansparochie besloot om een eigen begraafplaats in te richten.

De kapel die vroeger op de begraafplaats stondDe begraafplaats aan de Bredaseweg werd meerdere malen uitgebreid en in 1883 werd er op het terrein zelfs een kapel gebouwd in de buurt van het baarhuisje. In dat huisje werden mensen die aan een besmettelijke ziekte waren overleden opgebaard. Eerder werden er ook mensen opgebaard van wie men niet met zekerheid wist dat ze overleden waren. Omdat men bang was dat ze schijndood waren, werd het tijdstip van begraven uit gesteld. Eerst mocht er pas na 24 uur begraven worden, later zelfs pas na 36 uur.

Op 1 januari 1978 werd de begraafplaats gesloten en voortaan werden overledenen naar Zegestede aan de Rucphensebaan gebracht.
In 1987 werd de kapel op de begraafplaats gesloopt, omdat er voortdurend vernielingen aangericht werden, metaal werd gesloopt en er werd brand gesticht.

Het graf van burgemeester SchoonheijtOp deze plek kunt u genieten van de stilte, maar ook van gepaste muziek, want het programma voor dit concert werd met zorg gekozen.

Wandelt u na het concert eens langs de fraaie grafmonumenten die er nog te vinden zijn. Burgemeesters als Louis Schoonheijt en August Coenen vonden er hun laatste rustplaats, maar ook de wethouders Van Gilse en van Loon.

Margo Verbiest schreef ooit een boekje over de r.k.-begraafplaats aan de Bredaseweg. In dat boekje staan veel bijzonderheden, maar er worden ook aardige anekdotes over deze Roosendaalse dodenakker vermeld.

TEKST: RENÉ HERMANS